Bij een stadionverbod heb je gedurende een bepaalde periode geen toegang tot (oefen)wedstrijden in het betaalde voetbal in Nederland waaraan een Nederlandse club of vertegenwoordigend elftal van de KNVB deelneemt. Het is mogelijk dat in Europees verband een stadionverbod ook wordt overgenomen door de thuisspelende club. Informeer dus - indien je een stadionverbod hebt - eerst of dit het geval is voordat je afreist naar een wedstrijd in het buitenland.
De aanleiding van een stadionverbod kan gelegen zijn in een melding door een club aan de KNVB danwel een melding van de Officier van Justitie aan de KNVB. De afdeling veiligheidszaken van de KNVB kan je eventueel aanvullende informatie verschaffen omtrent de reden van oplegging van een stadionverbod.
Desbetreffende club informeert je op een zo kort mogelijke termijn schriftelijk over de gevolgen die specifiek betrekking hebben op jouw club en (Seizoen/Supporters)ClubCard. Daarnaast heeft de KNVB verplicht gesteld dat je een pasfoto dient in te leveren. Dit dien je binnen de gestelde termijn persoonlijk te doen bij de club. Bij het inleveren van je pasfoto dien je jezelf te legitimeren met een geldig en wettig legitimatiebewijs. Tevens zal ter plaatse ook een digitale foto genomen worden. Overschrijding van de inlevertermijn resulteert in een verdubbeling van het opgelegde stadionverbod!
Een landelijk stadionverbod wordt bij deurwaardersexploot aangezegd. De kosten daarvan (ongeveer € 60,-) komen ten laste van de betrokkene. Supporters met een landelijk stadionverbod mogen zich voor, tijdens en na afloop van wedstrijden niet in of in de buurt van stadions bevinden. Dit geldt voor alle wedstrijden in:
Bij een stadionverbod van minimaal 12 maanden wordt er ook een boete opgelegd, afhankelijk van leeftijd:
Supporters die zich in strijd met een opgelegd stadionverbod toch in of rondom een stadion ophouden, riskeren een gevangenisstraf van 6 maanden, een tweede (mogelijk langer) stadionverbod en een nieuwe (hogere) geldboete. Bij de eerste overtreding wordt een geldboete van € 900,- opgelegd, voor de tweede overtreding
€ 1500,- en voor de derde en elke navolgende overtreding € 2000,-.